Pages

WAREN WE MAAR OVER IETS ANDERS BEGONNEN

- Moeder, zet gij ‘de’ of ‘het’ voor het woord ‘snoep’?

- Wat?

- Is het ‘de snoep’ of ‘het snoep’?

- Goh… ‘de snoep’… ‘het snoep’…

- Ik zou gezworen hebben dat het ‘het snoep’ is.

- Misschien. ‘Het snoep’… ‘Het snoepen’…

- Nee, ‘het snoepen’ is iets anders. Da’s een werkwoord dat... Soit, da’s iets anders.

- Maar het ís wel ‘het snoepen’ hè.

- Jaja, maar het gaat hier om ‘snoep’.

- Je zegt wel ‘het snoepgoed’.

- Jaja, dat weet mijn gat ook. Maar het gaat om kortweg ‘snoep’.

- Goh… ‘het snoep’… ‘de snoep’…

- Het blijkt dus ‘de’ te zijn.

- Misschien is het wel ‘het snoep’.

- Nee nee, ’t is ‘de’… Raar hè?

- ‘Het snoep’, dat zal het zijn, dat klinkt het best.

- Nee nee! Het is ‘de snoep’.

- Wat?

- Dat het ‘de snoep’ is.

- Oh? Tiens…



IS HET EEN VOGEL?

Is het een vliegtuig?

Nee, dat is het niet.

Het is Mega Windy,

die je aan de hemel riekt.

STOEL GESTRAND

Het leek misschien wat raar: Mr T die vannacht cool over straat wandelde met een strandstoel onder zijn arm. Maar weet dat de stoel past in een project ter opwaardering van Mr T’s terras. En met succes, zo mag blijken.


MR T HEEFT PRECIES TOCH IETS GOED TE MAKEN








H

GETAFFEL

Schoon woord: getaffel. Niet in de betekenis van ‘slaan, ranselen’ (van Dale), maar als synoniem van getjaffel, getreuzel, niet opschieten. Mr T gebruikt het woord opvallend veel de laatste tijd. Want getaffeld wordt er danig. Door het nieuwe meisje bij de bakker, door de paarse bejaarde aan de kassa, door de trage toerist op de snelweg, door de luie collega op het werk…

Toegegeven, soms taffelt ook Mr T. Als hij moet afwassen, als hij zijn vuilzakken moet zetten, als hij naar het werk moet vertrekken… als hij dingen moét. En Mr T moét soms veel – van anderen of van zichzelf. Hij moét zijn appartement poetsen, hij moét zijn krant lezen, hij moét zijn moeder bezoeken, hij moét zijn chef imponeren, hij moét gaan joggen… En slechts één ding kan hem effe van dit alles redden: getaffel.

Maar getaffel is als een kakske leggen: als iedereen het tegelijk begint te doen, slibt alles dicht. Dus: wil iedereen stoppen met taffelen, alstublief! Iedereen. Behalve Mr T.