Pages

FEESTLIED VOL SMÁÁ-ÁÁRT

Kerstavond? Och ja. Gezellig. In beperkte kring. Bij moeder T thuis. Mr T’s regime had congé. Vier koekjes met chocolade gegeten. En één Tuc. Cadeaus waren er niet, die houden we voor Nieuwjaar. Toch een kaars gekregen, omdat Mr T aan het fornuis stond. Z’n luchtig preisausje is tijdens het bereiden geëvolueerd tot een zware portosaus. Niemand klaagde. Moeder T had voor de sfeer gezorgd. Met een papieren tafellaken en bijbehorende kerstservetten, “voor slechts 2 euro bij De Zeeman”. En door de radio klonk een driedubbele kerst-cd, ook van De Zeeman. Zodat plots André Hazes door de living zweefde. “Ik voel mij als een kerstboom zonder piek.”

Mr T presenteert u: een “kerstfeestlied zo vol met smáá-áá-áárt”.




STUKJE AUTO

- M’n contactlens was daarstraks erg troebel.
- Oei.
- Ik heb ze dan grondig gewassen.
- Hm.
- Met Wipp.
- Oh… Écht?!

KLEUTERKEUTEL

- Menéér Téé-éé!
- Ja?
- Kome kijke!
- Naar wat?
- Ikke ga kaka doen.
- Ah. Da’s flink. En kan jij dat al goed?
- Hmm… Já!
- Waw, da’s flink. Succes hè.
- Ja.
- Is het zover?
- Já! Kome kijke!
- Moet ik komen kijken naar uw kaka?
- Já! In potje.
- Hier ben ik. Amáái, da’s mooi gedraaid.
- Ja.
- Knap, hoor.
- Ja. Is precies snoepje hè?
- Huh?
- Ik verdien snoepje hè?
- Ah ja...


BOTSBAL

Beminde gelovigen. Eén minuut stilte. Voor deze kerstbal die ter ziele is gegaan. Slachtoffer van een dom ongeval. Gebotst met een andere kerstbal, die van boven kwam.

De betreurde bal was niet zomaar een bal. Hij was groot en mat. En elk jaar was hij de ‘center piece’ van Mr T’s boom vol glimmende ballen.

Kwatongen zullen nu beweren dat Mr T eigenhandig de ene bal op de andere heeft laten vallen. Nog kwaaiere tongen zullen spreken van kwaad opzet, van moord zelfs, op een weerloze, dakloze bal, die dit jaar van Mr T geen boom kreeg om in te wonen.

Niets is minder waar, natuurlijk. Mr T is oprecht geraakt door dit tragische verlies. En in het Licht des Aanschijns is enkel plaats voor nederigheid en dankbaarheid. Dus zegt Mr T met trillende stem: dank u, bal, voor de vele mooie momenten. Het ga je goed, in het Grote Ballenbad van de Heer.


MR T HAALDE DE MOSTERD NIÉT BIJ SOUTH PARK








H

DIE BOOM WEER

- Zeg, waar is uwe kerstboom?
- Ik zet er gene dit jaar.

- Hoe, gij zet er gene?

- Nee. Al dat gedoe...

- Gij zijt ne Scrooge, gij.

- Da’s niet waar.

- Toch wel. Anders zoudt ge nen boom zetten, zoals elk jaar.

- De echte kerstsfeer hangt niet in nen boom. Die steekt in uw hart…

- Holala.

- Ge moest eens zien wat voor nen boom er in mijn hart staat. Magnifiek is die. Met de mooiste ballen en de mooiste slingers.

- Pff, die krijgt daar nooit licht.

- Die heeft dat niet nodig, die bloeit sowieso.

- En die krijgt geen lucht. Want uw hart is nen bunker. Nen bunker zonder ramen.

- Holala.
- ’t Is in elk geval verrekt moeilijk om daar binnen te geraken.

- Hm… misschien… er ligt wel wat prikkeldraad of een mijnenveldje rond…

- Ziet ge wel. Gij zijt ne Scrooge!

KOMT 'T TOCH NOG IN ORDE MET DIE KERSTSFEER

TOCH EEN BÉÉTJE KERST

Zoals gezegd: geen boom dit jaar. Maar halleluja: er zijn wel lampkes en ballekes. In een pot op de kast. Mét een kameel (rechts), want da’s véél meer Bethlehem en Midden-Oosten dan een os of een ezel. En met een échte Wijze uit het Oosten (links), namelijk de heer Tshtup-I lum (zeg maar Tjoep) – weliswaar een Syrische heerser uit 2100 vóór Jezus’ geboorte, maar ten huize T struikelen we niet over zulke details.

Heb geprobeerd om nog andere reissouvenirs in de ‘kerststal’ te zetten, maar een gong of een houten dodo-vogel stond er toch wat raar.


KERST LIGHT

Kerststallen verrijzen. Straatlichtjes branden. Cadeaus eisen geld. Jingle Bells bij Delhaize. Nepdennen bij Donna. Kaarsen voor Amnesty. Zelfs kerstbomen dwars op de Ring in Wemmel. En rood, overal rood.

Maar dit jaar raakt het Mr T allemaal niet. Hij heeft zelfs nog geen boom gezet, en het ziet er ook niet naar uit dat het er nog van gaat komen. En da’s opmerkelijk. Want Mr T dwéépt met zijn kerstbomen. Ze worden omschreven als “bakens van vertrouwdheid”, te zien vanop straat. Als vuurtorens waarnaar reizigers zich driewijzengewijs richten. Regelrechte concurrentie voor de kerstster.

Niet dit jaar, dus. Dit jaar hoogstens een bal of twee op de salontafel en heel misschien de lichtjes wat slordigjes op de kast gedrapeerd. Verder niks. Van de twee cadeaus die Mr T hoort te kopen, ligt er eentje hier al zes maanden klaar. Dus ook geen kerstshopping dit jaar. En ook geen rosbief of crème-au-beurre-büche op de 24ste, want cholesterol kent nu eenmaal geen kerstverlof. En op de 25ste: gewoon werken, zoals elke pineut.

Nee, dit jaar gaat Mr T voor ‘kerst light’. En of dit nu een goeie of spijtige zaak is, daar is hij zelf nog niet uit.


SNOOKER À BRUXELLES

- Dju, dat bier is precies zeepsop. Riek eens.

- Eèkes. Ge hebt gelijk. Ga er iets van zeggen, jong.

- Och, om daar nu moeite in te steken... ’t Is hier bovendien en français.

- Oei, ja... Wat is zeepsop in ’t Frans eigenlijk?

- La vaisselle?

- Da’s de hele afwas, jong... Du dreft?

- ‘Excuzee mesjeu, ilja du dreft dans mon bjeir’? Nee nee, daar begin ik niet aan. Het bier valt trouwens best mee, als ge uw neus toeknijpt.

- Eén voordeel hebt ge: uw madam zal vanavond niet rieken dat ge aan de pintjes hebt gezeten.

- Da's waar. Tegen dan spreek ik in zeepbellen. ‘Dag… blob… schat… blob….’

- Gaat ze nog denken dat ge aanhoudt met de kuisvrouw, huh huh.



ZO ZWAAR, JONG


Wolfskers (Toneelhuis/LOD)


Wawast? Het verhaal van een banale en tegelijk beslissende dag uit het leven van drie machtshebbers: Lenin, Hitler en Hirohito.

Oewast? Zwaar. Heel zwaar. Te zwaar. Toch voor Mr T. Hij is voor dit stuk niet belezen genoeg. Citaten van Tsjechov, Wagner en andere hoogdravende pierlala’s vlogen om z’n oren. Indrukwekkende vormgeving, met schoon projecties, dat wel, en knappe acteerprestaties, dat ook, maar verder was dit zó ons ding niet. Mr T heeft geregeld gedacht: ‘Viel ik nu maar effe in slaap...’

(Eigenlijk had Mr T het kunnen weten, als hij zijn eigen blog wat degelijker had gelezen. Over het felbejubelde ‘Mefisto for ever’, de voorganger van ‘Wolfskers’, schreef hij bijna krék hetzelfde. Dus allez vooruit: een linkske.)

(Op 5/12 – In de Stadsschouwburg, Leuven – met Gilda De Bal, Vic De Wachter, Veerle Eyckermans, Johan Leysen, Stefan Perceval, Dries Vanhegen, Jos Verbist en Michael Vergauwen – regie: Guy Cassiers)


Volgende keer: Wim Vandekeybus (16/1)



HET IS NIETS PERSOONLIJKS

Als ik u één dezer negeer, dan is de kans groot dat u niet veel bijzonders aan het doen bent. U bent dan wellicht niet aan het zwemmen. Of aan het rennen. Laat staan dat u aan het vliegen bent. Nee, dan staat of ligt u daar maar wat. En dan moet ik u mijden. Bevel van gezondheid.be: “Wat vlees betreft, kan men stellen dat alles wat rent (wild), vliegt (gevogelte) of zwemt (vis), mits met mate, beter is dan wat ligt of staat (varken en koe).” U weze gewaarschuwd. Het is niets persoonlijks, het is in naam van de cholesterol.


NON, NON


Nonsens 2


Wawast? Een musical rond nonnen, door het Lierse Wysiwyg.

Oewast? Goh, hier zaten wel érg veel liedjes in. En sommige mopjes waren wel érg belegen (à la: “Zuster, wat doet die vlieg in mijn soep?” “Schoolslag, meneer.”) Wel dik in orde waren zuster Amnesia en de andere castleden. Maar voor de rest… vind ik het niet jammer dat ik Nonsens 1 nooit gezien heb.

O ja, nog wel hard gelachen met… Mega Nonny.


(Op 01/12 – in CC Vredeberg, Lier.)

Volgende keer: Wolfskers (5/12)